Opnieuw voegen oudere gevels

Opnieuw voegen van oudere gevels.

Lockefeir vof is vakkundig in het vervangen van voegen aan oudere gevels.

Op oudere gebouwen is het metselwerk meestal gemetseld en gevoegd met een kalk mortel. Vanaf eind 1800 is er sporadisch cement aan de mortels toegevoegd. Dit noemde men bastaardmortels.
Later is er steeds meer voor gekozen om meer of alleen cement te gebruiken. Of dit duurzamer is daar zijn de meningen nogal verschillend over.

Waar op letten.

Het uithakken van oude gevels is iets anders dan de moderne gevels met cement voegen. Waar opgelet moet worden is dat dit niet gebeurd met een slijptol. Wel kan het noodzakelijk zijn dat bij harde voegen er voor geslepen moet worden. Dit gebeurd vaak bij oude gevels die al eens opnieuw gevoegd zijn met een cement voeg.
Als de voegen te diep zijn uitgehaald kan het zijn dat er zogenaamd voorgezet moet worden. Bij zo een ondeskundige verwijdering gaat dit bij het voegen, extra kosten met zich meebrengen. Dit probleem kan ook ontstaan, als de voegen erg diep zijn uitgesleten.
Lockefeir vof heeft ruime ervaring met dit probleem.

Inboet werk ( herstel metselwerk) is een vak apart. Dit werk vereist kennis en kunde van de vakman. Voegers met een juiste opleiding zijn meestal kundiger door ervaring, dan een nieuwbouw metselaar. Zonder ervaring met inboeten geeft het uitvoeren vaak problemen. Dit betreft vooral snelheid, verband aanhouden en volledige mortel vulling. Maak gebruik van onze expertise en ervaring.

Welke voeg.

Vroeger werd er gemetseld op een manier dat de specie tussen de stenen volledig was gevuld. (Vol en zat metselen) De voegen werden met het truweel afgeschraapt of met een voegijzer gladgestreken en dat was het.
Later ging men het metselwerk afwerken door de zogenoemde snij,- en knipvoegen. Duidelijk is dat niet alle gevels op die manier werden afgewerkt.
Ook wil ik hierbij vermelden dat er in het verleden kennis en kunde via ambachtsgilden werd doorgegeven aan metselaars. Die kennis is deels verloren gegaan.

Duidelijk is ook dat er in het verleden gevels opnieuw zijn gevoegd.
Gangbaar in een latere periode is dat bij het metselen eerst de voegen werden uitgekrabd en daarna pas werden gevoegd.
Gevels gemaakt met bastaard of cement mortels zijn meestal op die manier uitgevoerd.

Mortel keuze is heel belangrijk bij oudere gevels. Deze mortels bereiden wij met steen,- of schelpkalk en indien nodig met cement of toeslag stoffen.

Voor verdere informatie verwijs ik graag naar publicaties van De Rijksdienst voor het cultureel erfgoed.

Marinus Lockefeir

Impregneren wel of niet

De voor en nadelen van hydrofoberen. (Impregneren)

Dat er voordelen zijn aan impregneren dat kunnen wij niet ontkennen.

Het kan bij poreuze stenen de opname van vocht verminderen.

Als onderhoud elke tien jaar gebeurd kan vervuiling van de gevels inderdaad verminderen.
Dit kan ook door elke 10 jaar een lichte reiniging toe te passen, dat is meestal voordeliger.

Voorkomen van vorstschade en isolatie verbetering kan in enkele gevallen inderdaad miniem worden gemeten.

Naast de reeds genoemde voordelen zijn er toch ook enkele nadelen verbonden aan deze gevelbeschermingstechniek:

Het impregneren van de gevel is een klus die na verloop van tijd herhaald moet worden. Hoelang je gevel precies beschermd is na het hydrofoberen, hangt onder meer af van de kwaliteit van het gebruikte product, de weersomstandigheden en het aanwezig zijn van extreme vervuiling . Je kan ervan uitgaan dat een impregneermiddel je gevel ongeveer 10 jaar lang beschermt.

Voor het impregneren, moet de gevel vóór het impregneren proper en in goede staat zijn. Dit betekent dat het nodig kan zijn om eerst reinigings- en herstellingswerken uit te voeren voor men aan de gevelimpregnatie kan beginnen. Deze bijkomende gevelwerken zullen extra kosten met zich meebrengen.

Als je later gevelwerken wil laten uitvoeren, kan het zijn dat deze bemoeilijkt worden door de aanwezigheid van het impregneermiddel. Een geïmpregneerde buitenmuur kan bijvoorbeeld niet geschilderd worden. Ook reparaties aan voegwerk kunnen een probleem geven.

Als wij bijvoorbeeld een gevel opnieuw gaan voegen vinden wij het belangrijk te weten of er in het verleden, de gevel is behandeld met deze soort middelen. Mocht dit wel het geval zijn dan houden wij daar rekening mee en moeten wij onze mortel aanpassen. Tot op heden kunnen wij dan door deze problemen geen volledige garantie bieden op de aanhechting.

Wij adviseren alleen als het werkelijk een meerwaarde geeft, om te impregneren.

Ter informatie, een goede baksteen kan eeuwen zijn schoonheid en uiterlijk behouden.
Helaas zijn er ook minder goede bakstenen. Vooral de naoorlogse baksteen kan daar nog al eens last van hebben. Dan is het impregneren het overwegen waard.

Marinus Lockefeir

Scheurherstel

Scheurherstel aan schoon metselwerk muren.

Hoe ontstaan scheuren?

Slecht metselwerk, slechte steen, verkeerde of slechte constructie, dreunen bij opbouwen, ondeskundig verbouwen van b.v. kozijnen vernieuwen.
Trillingen door b.v. verkeer, aardbevingen en zware bouwmachines. Slechte fundering, rotten en droogvallen van houtenpaal funderingen. Het zakken van het grondwaterpijl of verschuivingen en verzakken van de grondslag.Spanningen en uitzetting door temperatuur verschil en te dunne muur kan ook een oorzaak zijn.
Oplossen van deze oorzaken is niet altijd mogelijk maar wel belangrijk.

Door deze problemen kunnen wij alleen garantie geven op de uitvoering. Als de achterliggende oorzaken niet zijn opgelost is het moeilijk te voorspellen of de scheuren opnieuw zullen ontstaan.

Horizontale en verticale scheuren zijn meestal goed te repareren. Wanneer de verzakkingen te groot zijn is het niet altijd mogelijk om het metselverband aan te houden.

Meest voorkomende oplossingen;
Voegwerk diep uitslijpen en met krimparme hechtende mortel voorzetten.
Kapotte stenen uithakken en opnieuw metselen, of repareren met een kleurmortel.
Aanbrengen ankers om het metselwerk te versterken.

Het onzichtbaar repareren van scheuren is een vak apart, en helaas ook niet altijd mogelijk.
Wij hebben ruime ervaring om kleurverschil van nieuwe stenen of voegwerk zoveel als mogelijk te beperken.

Voorbeeld van schuurherstel